Most Recent Articles
Title: Enkele moleculaire..
Download: Click Here
Title: CLIWOC Final..
Download: Click Here
Title: De planetoïde..
Download: Click Here
Title: Luchtspiegelingen ..
Download: Click Here

Articles - Optische verschijnselen

2007 - 2012

De ruimtesonde Cassini heeft de reflectie van de zon in een groot methaanmeer op de Titan kunnen vastleggen. Deze foto vormt een fraaie bevestiging van het bestaan van zulke meren op deze Saturnussatelliet.

Bidsprinkhaan: vizieren op steeltjes
M. van Nieuwstadt
NRC 40 nr. 39, Wetenschapkatern blz 11, 14 nov (2009)

De bidsprinkhaan seint met circulair gepolariseerd licht. Misschien kunnen zijn ogen fabrikanten van dvd-spelers inspireren.

 

Dit artikel is inhoudelijk door mij geredigeerd

Mistlaag met glorie, van boven gezien vanaf de 213-m mast te Cabauw (foto)
G. P. Können
in 'Hollandse Wolkenluchten', boek door Harry Otten e.a., blz. 146 (uitgeverij Kosmos) (2009)

In de winter van1976 zijn Harry Otten en ik door de inversie van 11 graden op 200 m hoogte geklommen en keken daar neer op een serene egale mistlaag met een glorie rond onze schaduw. De foto is door een polarisatiefilter genomen.

Lichtende nachtwolken en abnormaal heldere schemering
G. P. Können
Zenit 36, 421-425 (2009)

Lichtende-nachtwolken situaties gaan gepaard met een abnormaal heldere schemering. Dit omdat de mesosfeer (~80 km hoog) andere deeltjes dan luchtmoleculen bevat en daardoor het zonlicht veel sterker verstrooit dan normaal. Dit is vastgelegd in twee foto's. De ene is opgenomen op 2 juli 2009, een lichtende-nachtwolken nacht, om 2:55 MEZT; de andere de volgende nacht (géén lichtende nachtwolken), op hetzelfde tijdstip en in dezelfde richting. Het verschil in helderheid tussen de twee situaties is een factor 5. (Dit artikeltje is onderdeel van het artikel ‘Spectaculaire toename lichtende nachtwolken' in de Zenitrubriek 'Amateurs actief').

 

Het betreffende het fotopaar is door Zenit uitgeroepen tot ‘foto van de maand'.

Waarom is een regenboog rond?
G. P. Können
In: 'Hoe sms't een Chinees? 100 alledaagse mysteries', samengesteld door E. König, Uitgeverij NRC boeken (2009)

Het simpele antwoord op deze (NRC) lezersvraag luidt: omdat een druppel rond is!

Zuil, omgekeerde onderzon en een stagnerende maansopkomst
G.P. Können
Zenit 36, 41-43 (2009)

Op een foto van een zuil boven de zon die vlak voor zonsondergang vanuit een vliegtuig was genomen is een verdikking te zien die het spiegelbeeld van de zon is. Het verschijnsel is een onderzon die zich boven de zon bevindt in plaats van er onder. De kromming van de Aarde maakt zoiets mogelijk. Ook zag ik, door de noordelijke koers van het vliegtuig, de maan kort na zijn opkomst meteen weer ondergaan. (Dit artikeltje is opgenomen in het artikel 'Hemels Vuurwerk' in de Zenitrubriek 'Amateurs actief').

Halovlek bij ons schaduwpunt
G.P. Können
Zenit 35, 545-547 (2008)

Onlangs is er vanuit een vliegtuig op de wolken eronder een geïsoleerde lichtvlek van ongeveer 1° diameter gezien. De vlek verscheen precies op het tegenpunt van de zon, dwz de plaats waar de schaduw van het vliegtuig valt. De vlek lijkt een nog niet eerder opgemerkt haloverschijnsel te zijn.

Polarisatie zien met het blote oog (ingezonden brief)
G. P. Können
NRC jaargang 38 nr 152 (29 maart), Wetenschapbijlage p 2 (2008)

In de NRC van 22 maart jl. werd gesteld dat er nooit eerder een dier is gevonden dat circulair gepolariseerd licht kan zien. Dit is onjuist als men de mens erbij betrekt, want sinds 1955 is bekend dat wij niet alleen lineair licht van ongepolariseerd licht kunnen onderscheiden, maar ook het vermogen bezitten om circulair gepolariseerd licht als zodanig te herkennen.

Halo’s rond een totaal verduisterde zon
G. P. Können en C. Hinz
Zenit 35, 163-165 (2008)

Wij hebben ons de vraag gesteld of halo's zichtbaar kunnen blijven tijdens de totale fase van een zonsverduistering. Dit is onderzocht door een vergelijking te trekken met de zichtbaarheid van maanhalo's tijdens schemering. Het antwoord op de vraag blijkt ‘ja' te zijn, mits het gaat om een heldere halovorm. Reden om tijdens de komende verduisteringen eens goed naar deze verschijnselen uit te kijken.

Ongewone glories
C. Hinz en G. P. Können, Zenit
Zenit 35, 347-349 (2008)

De glorie is het welbekende ‘regenboogje' dat verschijnt rond de schaduw van een waarnemer als deze schaduw zich op mist afbeeldt. Meestal is de glorie kogelrond, maar soms kan hij zó gedeformeerd raken dat men hem nauwelijks meer als zodanig herkent. In dit artikel laten wij een aantal uitzonderlijke verschijningsvormen van de glorie de revue passeren.

Halocomplex op de Zuidpool (voorplaat foto)
G. P. Können
Zenit 35(4), april (2008)

Halocomplex op de Zuidpool, opgenomen op 2 januari 1998. Het complex bevat exotische halos zoals de Parry bogen en andere uiterst zeldzame halovormen.

Wolkenluchten (ingezonden brief)
G. P. Können
Zenit 34, 29 (2007)

In het stuk van D. Schreuder in Zenit over Hollands Wolkenluchten worden twee ontstaansvoorwaarden niet genoemd, te weten de vlakheid van het landschap en het monotone karakter ervan. Deze factoren trekken het oog naar de lucht vlak boven de horizon, waar de wolkenlucht het fraaist is.

In dit artikel laten wij een aantal randverschijnselen bij zonsverduisteringen de revue passeren die meestal wat minder in de aandacht staan. Het gaat hier om de blauwgroene schemer bij een diepe gedeeltelijke verduistering, zonnebeeldjes, sterren aan de hemel, de zwartheid van de ‘zonneschijf' tijdens de totaliteit, schijnbare en werkelijke lichtafname, de donkerte van de hemelkoepel, kransen bij coronalicht en nog wat andere feiten.

2001 - 2006

Een halo op Mars
G. P. Können
Zenit 33, 335-337 (2006)

Na veertig jaar planeetfotografie door ruimtesondes is er eindelijk een halo gezien op een andere planeet. En hij is nog helder ook.

Marshalo (voorplaat foto)
G. P. Können
Zenit, 33(7/8), juli/aug (2006)

Foto van een heldere onderzon boven de Marsvulkaan Arsia Mons.

Hollands licht: de mythe en de werkelijkheid (film)
P-R. de Kroon and M. de Kroon, met medewerking van G. P. Können en anderen
Video BZAV0117 DVD (2004)
link: Click here

Volgens een oude mythe heeft Hollands licht buitengewone kwaliteiten. Het is het legendarische schijnsel op 17e eeuwse schilderijen. In hoeverre dit alles reëel is, wordt door een aantal personen besproken.  Mijn verklaring is dat Hollands licht op een contrasteffect berust, veroorzaakt door het eentonige en vlakke Nederlandse landschap dat er voor zorgt dat het oog zich al snel op de hemel op de hemel richt, waar verre wolken vlak bij de horizon een spectaculair aanblik kunnen vertonen (versies in Engels, Nederland, Duits, Frans en Spaans).

 

NB: Deze documentaire is in 2003 bekroond met een Gouden Kalf

1990 - 2000

Waerachtige beschrijvingen van het Nova Zembla effect
S. Y. van de Werf, G. P. Können, W. H. Lehn, en F. Steenhuizen
Nederlands Tijdschrift voor Natuurkunde 66, 120-126 (2000)

De eerst-geboekstaafde waarnemingen van het Nova-Zemblaeffect - een lange-afstandluchtspiegeling - werden gedaan tijdens Willem Barents' derde tocht naar het Noorden (1596- 1597). Een stralenganganalyse toont aan dat de drie sleutelobservaties, op 24-27 januari 1597, alle gesimuleerd kunnen worden met één enkele, atmosferische temperatuurinversie. Ook blijkt dat het Nova-Zembla-effect zichtbaar kan zijn geweest over de centrale bergketen van het eiland. De door Gerrit de Veer gegeven richting waarin op 25 januari de schijnbare conjunctie tussen Jupiter en de maan werd gezien (noorden ten oosten) komt binnen één graad overeen met de berekende richting. De betrouwbaarheid van de waarnemingen, onderwerp van discussie gedurende vier eeuwen, lijkt hiermee aangetoond.

Waerachtige beschrijvingen van het Nova Zembla effect
S. Y. van de Werf, G. P. Können, W. H. Lehn, en F. Steenhuizen
Cornelis Douwes 143, 65-69 (2000)

Zie de samenvatting van het gelijknamige artikel in het Nederlands Tijdschrift voor Natuurkunde 66, 120-126 (2000)

Grensmagnitude bij totale eclips (ingezonden brief)
G. P. Können
Zenit 27, 38 (2000)

Volgens de literatuur bedraagt deze +3. De helderheid van de hemel is tijdens de totaliteit vergelijkbaar met die tijdens schemering als de zon 5-5,5 graad onder de horizon staat.

Totale zonsverduistering bij een totale bewolking
G. P. Können en A.P.M. Baede
Zenit. 26, november 1999, eclipskatern p. 6 (1999)

Onder een wolkendek is een verduistering anders, maar niet meteen minder. Vooral het invallen van de duisternis is een adembenemende ervaring.

Dagboek Zuidpool
G. P. Können
Nederlands Tijdschrift voor Natuurkunde 65, 304-306 (1999)

Dagboek opgemaakt tijdens mijn derde Antarctische expeditie: die naar de Zuidpool in het seizoen 1997/1998.

Onderzoek in het binnenland van Antarctica
G. P. Können
Zenit 33, 37-41 (1993)

Een verslag wordt gegeven van de wetenschappelijke en persoonlijke belevenissen tijdens onze eerste Zuidpoolexpeditie (seizoen 1989/90) en tijdens onze tweede Antarctische expeditie in 1990/91 naar het Russische station Wostok.

Zuidpoolhalo (voorplaat foto)
G. P. Können
Zenit 33(1), januari (1993)

Halocomplex op de Zuidpool, opgenomen op 2 januari 1990. Het complex wordt gedomineerd door halos afkomstig van plaat-kristallen: de bijzonnen, circumzenithale boog en de parhelische ring.

Onderzoek in het binnenland van Antarctica
G. P. Können
Schip en Werf de Zee 2 (januari) 18-22 (1992)
[no PDF available]

Een verslag wordt gegeven van de wetenschappelijke en persoonlijke belevenissen tijdens onze eerste Zuidpoolexpeditie (seizoen 1989/90) en tijdens onze tweede Antarctische expeditie in 1990/91 naar het Russische station Wostok. (zelfde artikel als in Zenit, 33 37-41 (1993)).

Een verslag wordt gegeven van de wetenschappelijke en persoonlijke belevenissen tijdens onze eerste Zuidpoolexpeditie (seizoen 1989/90).

1976 - 1989

Het onzichtbare licht – Polarisatie in de natuur
G. P. Können
Natuur en Techniek 51, 350-365 (1983)

Het menselijk oog is bijzonder gevoelig voor kleur en helderheid, maar nauwelijks voor polarisatie. Met een polarisatiefilter verandert dat en merken wij hoeveel polarisatie om ons heen is. Het is een genoegen om de wonderlijke wereld te bekijken die met zo'n filter zichtbaar wordt. In dit artikel wordt het polarisatiepatroon van de natuur getoond en toegelicht.

De heiligenschijn
C. Floor en G. P. Können
Zenit 5, 219-224 (1981)

De heiligenschijn wordt vaak waargenomen op bedauwd gras als een helder aureool rond onze schaduw. Maar ook op droge begroeiing en op ruwe oppervlakken kan het verschijnsel worden gezien. De grote zichtbaarheid van nummerplaten en verkeersborden in koplamplicht berust op een technische toepassing van dit natuurfenomeen.

Regenbogen en halos
G. P. Können
Nautisch Technisch Tijdschrift 4, 51-53 (1980)

De regenboog is het bekendste, maar niet het meest voorkomende kleurige verschijnsel dat zich aan de hemel kan vertonen. Een geoefend waarnemer zal bemerken dat er vaak andere bogen verschijnen, die in fraaiheid zeker niet voor de regenboog onder hoeven doen.

Gepolariseerd licht in de Natuur (boek)
G. P. Können
Thieme Zutphen, ISBN 90-03-9593-7 (1980)
[no PDF available]

De polarisatie van allerhande natuurverschijnselen wordt besproken en geïllustreerd aan de hand van 88 foto's.

De glorie
G. P. Können
Zenit 5, 202-203 (1978)

De glorie is goed te zien vanuit vliegtuigen en vormt zich rond de schaduw van onze zitplaats. Vanaf grotere hoogten kan je zijn middelpunt zien. Maar ook in in de damp in een douchecel boven en kop thee of in je eigen adem zie je hem soms.

Bijzonpolarisatie
G. P. Können
Zenit 4, 399- 400 (1977)

Halo's zijn sterk gepolariseerd. Niet door reflectie, maar door dubbelbreking. Daarom is de polarisatie beperkt tot zijn binnenste randje. Vooral bij bijzonnen is dat goed te zien: als men hem met een polarisatiefilter voor het blote oog bekijkt en dat filter ronddraait, dan schuift de bijzon heen en weer. Dit verschijnsel was nog niet eerder bekend.

Halos op satellietopnamen van de Aarde
G. P. Können
Zenit 4, 154-155 (1977)

De onderzon tekende zich helder af tegen de frontale bewolking bij Groenland op de foto die op 27 April 1975 door de ESSA-8 weersatelliet werd genomen. Dit is de eerste keer dat een halo op een satellietopname is opgemerkt.

Lichtverstrooiing in de atmosfeer (voorplaat foto)
G. P. Können
Zenit 4(12), december (1977)

‘Watertrekkende' wolken.

Licht en kleurverschijnselen in de atmosfeer
G. P. Können
Zenit 4, 436-441 (1977)

De kleur van de hemelkoepel kan zeer uiteenlopen. Behalve blaue kan hij varieren van wit naar loodgrijs en bij lage zonnestand van rood naar geel naar groen. Soms verschijnen er ook kleurrijke bogen of vlekken. De oorzaak van deze verscheidenheid is dat er naast moleculen andere deeltjes, zoals druppeltjes of stofdeeltjes,  in wisselende hoeveelheid in onze dampkring aanwezig kunnen zijn. De optische eigenschappen van deze deeltjes zijn bepalend voor de kleuren die we zien.

Licht en kleurverschijnselen in de atmosfeer
G. P. Können
Intermediair 13/45, 26-29 (1977)
[no PDF available]

Zie de samenvatting van het gelijknamige artikel in Zenit, 4, 436-441 (1977)

Zonsverduistering op satellietopname
G. P. Können en J.P. de Jongh
Zenit 3, 273 (1976)

Bij de ringvormige zonsverduistering van 29 April 1976 tekende de schaduw van de maan zich duidelijk af tegen de Sahara op de foto die om 9:37 UT door de NOOA-4 weersatelliet werd genomen.

1968 - 1975

Bijzon en benedenbijzon (voorplaat foto)
G. P. Können
Zenit 2(5), mei (1975)

Foto van een bijzon, benedenbijzon en een verticale boog ertussen, genomen vanuit een vliegtuig in maart 1972.

Nawoord bij de foto van F. van Loo
B. Zwart en G. P. Können
Zenit 2, 317 (1975)

De verticale lichtstreep die F. van Loo 's nachts heeft gefotografeerd kan worden verklaard door een reflectie vaan een aardse lichtbron tegen een cirruswolk waarvan de ijskristallen één vlak horizontaal hebben georiënteerd. De dikte van die cirruslaag zou ongeveer 2 km hebben moeten bedragen.

Polarisatie van het hemellicht
G. P. Können
Zenit 2, 318 (1975)

De polarisatie van het hemellicht wordt beschreven en geïllustreerd aan de hand van twee fish-eye foto's. De eerste is een foto van de hemel door een polarisatiefilter, waar het gebied van sterkste polarisatie zich manifesteert als een donkere band; de tweede is een foto van de ‘donkere driehoek' die men als gevolg van polarisatie-effecten met het blote oog te zien krijgt in de reflectie van de lucht op een wateroppervlak.

Regenboogstrooiïng in de wolken
G. P. Können
G. P. Können, Hemel en Dampkring 71, 222 (1973)

De regenboog is ook te zien in wolken. Zo'n ‘wolkenboog' is wit, zodat hij met het blote oog nauwelijks opvalt. Maar hij verraadt zijn aanwezigheid door zijn sterke polarisatie.

Overeenkomsten en verschillen tussen deeltjesstrooiïng en lichtstrooiïng
G. P. Können
Nederland Tijdschrift voor Natuurkunde 38, 265-271 en 283-287 (1972)

De optische verschijnselen aan de hemel - kransen, regenbogen, halo's en glories - kennen alle hun analogon in deeltjesstrooiing. Voorbeelden worden getoond van deze verschijnselen in de hoekverdeling van atoom-atoom strooiingsexperimenten.

Halowaarnemingen uit een vliegtuig
G. P. Können
Hemel en Dampkring 70, 264-265 (1972)

Tijdens een transatlantische vlucht werd een bijzon, en benedenbijzon en een boog ertussen waargenomen en gefotografeerd. De zonshoogte was ca 6°.

Polarisatie van haloverschijnselen
G. P. Können
Hemel en Dampkring 69, 187-188 (1971)

Waarnemingen van diverse halo's, inclusief de 22° halo, de circumhorizontale boog (vanuit Rhodos) en de onderzon worden gerapporteerd. De onderzon bleek sterk gepolariseerd. Pogingen om ook polarisatie bij de parhelische cirkel en de bijtegenzonnen waar te nemen hadden een negatief resultaat, ondanks dat ze door reflectie tot stand komen.

Schaduwen en dubbele schaduwen
G. P. Können en R. Heine
Stichting de Jonge Onderzoekers (1970)

Het effect van het verdubbelen van overlappende halfschaduwen wordt uiteengezet en geïllustreerd met foto's.

De polarisatie van de lucht
G. P. Können
De Jonge Onderzoeker 1, 39 en 83 (1970)
[no PDF available]

De polarisatie van het blauwe hemellicht wordt beschreven en geïllustreerd met een fish-eye foto. De ‘donkere driehoek' die men als gevolg van polarisatie-effecten met het blote oog te zien krijgt in de reflectie van de lucht op een wateroppervlak wordt beschreven en geillustreed met een fish-eye foto.

De polarisatie van het hemellicht
G. P. Können
Hemel en Dampkring 67, 386-387 (1969)

Het polarisatiepatroon van het blauwe hemellicht, inclusief de negatieve polarisatie en het bestaan van neutrale punten, wordt beschreven en toegelicht. Twee foto's worden getoond die de polarisatie duidelijk te zien geven.

De polarisatie van regenbogen
G. P. Können
Hemel en Dampkring 66, 282-283 (1968)

Aan de hand van drie foto's (twee met polarisatiefilter en één zonder) wordt polarisatie van regenbogen en van de lucht daaromheen toegelicht.